Column Els Borst bijeenkomst

“Ben jij de nieuwe woordvoerder economie van D66?” De twee mannen staan op. Ondernemers. In pak. Nogal wat ouder dan ik. Eén van hen keurt mij van top tot teen… Zijn blik blijft even hangen bij mijn vuurrode kokerrok. Dan stelt hij zich voor en vraagt direct: “Hoe oud ben je eigenlijk?”. Ik zie hem denken: wie ben jij en hoe durft D66 dit meisje te sturen? Ik besluit naar waarheid te antwoorden en zeg “28, zullen we naar de lift gaan?”.

Wat zou ik dit moment graag overdoen… Het was in mijn eerste maand als raadslid, en ik moet er nog vaak aan denken als ik nieuwe mensen ontmoet. Want hoe graag ik ook speel met mijn uiterlijk, met mijn kleding, met mijn gedrag; mijn leeftijd en vrouw-zijn wil ik niet verhullen.

En ja, ik zet het ook vaak in en benut stereotypen van anderen. Ik maak er gebruik van om in een gezelschap van alleen maar masculiene mannen als feminiene vrouw veelvuldig aan het woord te komen. Ik knipoog, ik flirt, ik raak iemand aan om contact te maken. En ik vind het heerlijk om aandacht te besteden aan mijn kleding en uiterlijk.

Maar veel te vaak wordt overschrijden anderen voor mij een grens. Zoals die keer bij een bijeenkomst voor raadsleden en wethouders uit regiogemeenten. We zaten aan een tafel met ongeveer twaalf personen te discussiëren over de economische waarde van de regio toen een man aan de tafel opeens zei “Dat jonge meisje van D66 Utrecht zei net iets over…”. En ik blokkeerde. Ik zat nota bene op dat moment tegenover hem. Het is een subtiele verwijzing naar mijn leeftijd en mijn vrouw-zijn, maar door ‘over’ mij te praten met deze bewoordingen, in plaats van te zeggen “Jij zei net..” en mij direct aan te spreken, werd mijn status geminimaliseerd. En ook nu weer liet ik een man begaan en sprak ik mij niet uit.

Want wat te doen? Er iets van zeggen? En wat dan?

  • Optie 1: iets zeggen als “Die oude bok van de VVD hiertegenover mij die mijn opa zou kunnen zijn wil ook wat zeggen..”.
  • Optie 2: iets zeggen als “Je hoeft mijn leeftijd en/of geslacht er niet bij te halen, maar..”.
  • En mijn vaak gebruikte Optie 3: simpelweg negeren.

Ik zoek, en ik worstel, maar er komt nog niks briljants boven. En toch zou ik het moment bij de lift over willen doen. Want ik ben trots om raadslid te zijn. Trots als vrouw, en als iemand die de gemiddelde leeftijd (nog steeds met mijn 31 jaar) flink naar beneden haalt, en om nog heel veel meer redenen die mij kenmerken. Ik zou de heren willen vragen waar hun reactie vandaan komt, en hen vertellen wie ik ben. En dat het bizar is hoe het voelt om op 3-0 achter te staan bij hen. Wat dat doet met mij; en vooral, wat dat doet met alle jonge vrouwen in de stad – en ook wil ik ze zeggen “Wie ze wel niet denken dat ze zijn”.

IMG_4731

Mijn eerste week als gemeenteraadslid

Terugdenkend aan de uitslagen-avond van de verkiezingen krijg ik nog steeds een adrenaline rush.. Wat een spanning kwam daar vrij, euforie, en wat een verantwoordelijkheid rust er nu op onze dertien (!) schouders. Nog spannender was de vrijdagochtend daarna, 21 maart, toen burgemeester Jan van Zanen de definitieve uitslag bekend maakte en voorlas dat ik de voorkeursdrempel had behaald. Echt te gek! Het is best vreemd als ik mij voorstel dat bijna 1400 mensen het vakje voor mijn naam rood hebben gekleurd. Het geeft vertrouwen, kracht en ik ben best een beetje trots. Maar het geeft ook een onbestemd gevoel; nu moet ik het wel waar gaan maken.
De eerste week na de verkiezingen ging heel snel voorbij; en voor ik het wist werd ik geïnstalleerd als gemeenteraadslid. En deze eerste officiële eerste week ging nog sneller voorbij. Een indruk van ‘eerste keren’:
  • De eerste keer dat ik het gemeentehuis inging met mijn eigen toegangspas was  heel gaaf! Eindelijk hoef ik niet meer de fractiemedewerkers te bellen om naar binnen te kunnen.
  • Mijn eerste optreden – eigenlijk nog voor de installatie –  was het bijwonen vande wijkraad Noord-Oost. Er werd onder andere gesproken over de ontwikkeling van de zogenaamde ‘groene kop’ in het puntje van Tuindorp Oost, verkeersonveilige situaties en over groen in de wijk.
  • Voor het eerst op de radio! Voor het item ‘ontbijtje met’ op Radio 1 werd ik geïnterviewd over mijn ervaringen in de campagne. Het item werd prime-time uitgezonden om 4.30 in de ochtend:-).
  • De eerste fractievergadering als raadslid. Stond bol van de college-onderhandelingen; dus daar kan ik niks over vertellen. Afgelopen vrijdag is het advies van informateur Albertine van Vliet bekend gemaakt.
  • Ook werd ik door ‘vreemden’ herkend op straat en wilde iemand een selfie met mij maken.
  • Het voor het eerst openen van mijn mailbox en postvak leidde tot een kleine ‘slik’: zo’n honderd mails wachten om gelezen te worden en verschillende organisaties feliciteerden mij met mijn zetel in de gemeenteraad. Verschillende oud-raadsleden stelden mij gerust dat ik voortaan nooit niks te doen zou hebben: dagelijks krijg je tientallen emails als raadslid.
  • Mijn eerste werkbezoek was heel indrukwekkend: een bezoek aan initiatief Toevlucht waar aan een groep ‘ongedocumenteerde’ mannen, veelal uitgeprocedeerde asielzoekers, onderdak wordt geboden.

foto

Get out the vote

Nog twee dagen tot de gemeenteraadsverkiezingen. De afgelopen weken bevolkten alle politieke partijen de stadhuisbrug in Utrecht. Er waren tientallen debatten en er werd druk geflyerd: huis-aan-huis en bij verschillende winkelcentra. Honderden vrijwilligers kregen de partijen alleen al in Utrecht op de been. Ikzelf sprak met bewoners van onder andere Voordorp, Wittevrouwen, Lunetten, Lombok en de Uithof. Het ging over allerlei onderwerpen; van verkeer, bomen, de woningmarkt, tot het aanpakken van werkloosheid.

Ook waren er Utrechters die aangaven niet te gaan stemmen woensdag. Een student op de Uithof gaf aan dat hij net in Utrecht woonde en niet wist wat er speelde. Een dame in Lombok gaf aan dat zij geen vertrouwen had in de politiek. Ik vind dit erg omdat de gemeente over zoveel dingen gaat: de vraag waar winkeliers en bedrijven zich mogen vestigen, of en waar camera’s worden geplaatst, het begeleiden van werklozen, huisvesting van scholen, verkeersbeleid, en het ondersteunen van kinderen in achterstandssituaties en zo kan ik nog veel meer zaken opnoemen.

En van de inwoners die wel willen gaan stemmen beslist een groot deel op het laatste moment. Volgens de peiling van RTV Utrecht wist 43% van de kiesgerechtigden drie weken geleden nog niet  op welke partij ze gingen stemmen. Sinds een aantal jaren spelen online stemhulpen daar gretig op in. Eén van de bekendste is de StemWijzer van Prodemos. Aan de hand van dertig stellingen wordt een advies gegeven welke partijen het best bij de gebruiker passen. Ook een populaire stemhulp is het Kieskompas. Ook hier worden dertig stellingen voorgelegd, echter zijn er vijf antwoordmogelijkheden inhoeverre je het eens bent met de stelling in plaats van drie bij de StemWijzer. Er is ook De Stem van, en het Milieucentrum maakte voor de gemeenteraadsverkiezingen ook weer de Milieu-kieswijzer.

We dreigen overmorgen af te stevenen op een dramatisch opkomstpercentage voor de gemeenteraadsverkiezingen. In 2010 stemde in Utrecht 52,6% van de kiesgerechtigden tegenover 76,25% voor de Tweede Kamerverkiezingen. De verkiezingen gaan over een belangrijke vraag: in wat voor stad wil je wonen? Ik hoop dat de inwoners van Utrecht daar ideeen over hebben en woensdag in grote getalen gaan stemmen. Met 17 partijen die meedoen is er echt iets te kiezen. Get out the vote!

foto-4

‘Knuffel die heldhaftigen!’

Je zou wel gek zijn om je kandidaat te stellen voor de gemeenteraadsverkiezingen als je de recente berichten mag geloven. ‘Een raadslid heeft geen leven’ kopte het NRC afgelopen weekend. Het raadswerk wordt niet alleen als zwaar ervaren, uit een onderzoek van Nieuwsuur blijkt dat veel raadsleden ook te maken krijgen met agressie en geweld. De duizenden kandidaat-raadsleden zijn gewaarschuwd. Toch doen ze volgende maand mee in alle 403 gemeenten. Het is niet altijd makkelijk om raadsleden te vinden, en zelfs als die er zijn blijft het hard werken om een lijst en programma vast te stellen.

Zelf ben ik betrokken geweest bij het (her)oprichten van een lokale afdeling van D66 in Katwijk. Het aantal leden was op twee handen te tellen, maar de ambitie was hoog: ‘Je moet ergens beginnen. Wij willen dat er in 2014 ook in Katwijk op D66 gestemd kan worden’. Voor alles kwam een eerste keer: een eerste interview in de krant, de radio, het vinden van leden die op de lijst willen staan, het schrijven van een verkiezingsprogramma etcetera. Even zag het ernaar uit dat er te weinig leden gevonden konden worden. Het was een dubbeltje op zijn kant. Maar toen zat het mee: D66 Katwijk doet op 19 maart mee met zeven kandidaten. Idealisme en wilskracht zorgden ervoor dat het lukte.

In Utrecht is het een ander verhaal. Zeventien partijen doen mee aan de verkiezingen met indrukwekkende lengtes van kandidatenlijsten. Ook bij D66 stonden de kandidaten in de rij om mee te mogen doen. In totaal doet D66 in vijftig meer gemeenten mee in 2014 dan in 2010. En gelukkig maar: zo valt er iets te kiezen! Inmiddels hebben we nog een maand om de kiezers te overtuigen, om te laten zien wat gemeentepolitiek is en om te vragen hoe hun dorp of stad eruit moet komen te zien. Ik zou zeggen, volg het advies van columnist Marike Stellinga die schreef: ‘Knuffel die heldhaftigen! Want als ook u en ik hen niet waarderen, dan blijven voor de gemeentepolitiek alleen nog ongeïnteresseerde kneuzen over die het doen voor het geld.’

foto-2